Onlangs verscheen bij NLFiscaal een column van Paul de Haan over de fiscale rechtshulp. Het gaat o.a. over het beweerdelijke wantrouwen dat van de Belastingdienst naar de burger, en het tekortschieten van de Belastingtelefoon. Daarnaast zijn er zeer goed, concrete voorstellen over hoe om te gaan met een aanpalend onderwerp, te weten schuldhulp. Lees het stuk ook zelf even.
Belastingen zijn makkelijk, mits er geld is
Het stuk trok mijn aandacht. Dat er in dit land mensen zijn die leven in armoede, is een schande. Ik steun de gele hesjes op dit punt. Armoede is enerzijds een hardnekkig, veel koppig monster. Anderszijds moeten we het niet overdreven: mensen zijn arm omdat ze te weinig geld hebben. Stijgende kosten, lage lonen en precair werk, sociale huur wordt uitgekleed, belasting omhoog (btw!), inflatie… Eenzame bejaarden, jeugdzorg is weg… Zelfs voor hondjes zijn er tegenwoordig voedselbanken. Veel mensen ‘houden aan het einde van het loon nog een stuk maand over’. Geen spaargeld en een kapotgeschoten creditrating. Voor hen is het risico om op gegeven moment in de schulden te geraken reeel. Stel je voor: zoon heeft nieuwe schoenen nodig en dus kan de energierekening niet betaald worden. Een betalingsachterstand ontstaat al snel. Boetes, deurwaardeskosten, etc. maken de boel alleen maar erger.
“De analyse van het armoedeprobleem is al lang gedaan door kredietbanken, professionals werkzaam in deze sector zoals het Nibud, fondsen voor bijzondere noden en soortgelijke organisaties. Maak die wetgeving eenvoudiger, zorg voor kredietbanken, regel een noodfonds met ten minste € 1 miljard, begeleidt mensen met financiële problemen, en help de goedwillende burger.” – Paul de Haan
Het is bekend dat de directe belastingen bijdragen aan de schuldenval. Belatsingen verkleinen het bedrag dat kan worden uitgegeven (al krijg je daarvoor wel van alles terug – maar hier wil ik het nu niet over hebben). De moeilijkheid schuilt vaak in de gevallen waarbij er eerst iets wordt uitbetaald (de voorlopige terugave (VT) is een goed voorbeeld), dat pas later gecontroleerd wordt. De Haan geeft daarnaast het voorbeeld van samenhangende betalingen (“man heeft aftrekpost, krijgt inkomstenbelasting terug, vrouw moet betalen. Man krijgt € 2.000 in week 1 terug; vrouw moet twee maanden later € 2.000 betalen aan inkomstenbelasting”). Als het geld al is uitgegeven komt terugbetalen erg hard aan. Dit is geen nieuw probleem, maar dat maakt de boel niet er niet beter op. De Belastingdienst heeft zelf de zaakjes niet op orde, getuige de constante stroom aan problemen over ICT, uitgestroomde specialisten. Ook de initiatieven van de Belastingdienst, die dreigen te werken, kunnen rekenen op fikse, anekdotische kritiek vanuit de fiscale sector.
Over wederopbouw en workarounds
Nu ben ik de Belastingdienst milder gestemd dan bijna iedereen die ken (medewerkers van de dienst incluis). Ja, er zijn problemen. Maar e.e.a. is kaart gebracht en er is niemand die de urgentie ervan ontkend. Mocht iemand een geniaal plan hebben over hoe de wederopbouw van de Belastingdienst te versnellen, dan zal ik daarvoor ageren. Zo niet, dan stel ik voor dat we de boel constructief-kritisch volgen en ondertussen nadenken over maatschappelijke workarounds. Belastingen gaan tot de hart van de democratie. Mensen moeten daarom kunnen meepraten over de fiscaliteit. De uitvoeringspraktijk is daar uiteraard deel van.
De Leidse Rechtswinkel
In de periode 2004 – 2008 ben ik in verschillende hoedanigheden betrokken geweest bij de Leidse Rechtswinkel. Leiden is atypisch omdat het belastingrecht niet is afgesplitst in een apparte Belastingwinkel. Maar het komt gewoon op hetzelfde naar: toeslagen, (voorlopige) aangiften IB (m.u.v. IB winst) en simpele bezwaarschriften. Ik weet niet hoe het nu is – mijn kennis is verouderd en ongetwijfeld ook een beetje nostaligisch – maar ik vermoed dat veel van de toen bestaande problemen/inzichtingen nog steeds relevant zijn.

Op gegeven moment heb ik, samen met enkele andere rechtswinkeliers, ook een Landelijk Platform Rechtswinkels opgericht. Behoudens twee landelijke conferenties (waar ik over sponsoring en btw heb gepraat) zijn de vruchten van samenwerking beperkt gebleven. De les? Een platform mag geen dol op zich zijn. Overigens heb ik ter gelegenheid van de 35e verhaardag van de Leidse Rechtswinkel een boekje uitgegeven, om de geschiedenis vast te leggen (immers: wie schrijft, blijft). Het verhaal is te vinden bij de KB en de UB in Leiden.
Een van de belangrijkste conclusies was dat altijd sprake is van spanning tussen (a) het verlenen van eerstelijnsrechtshulp (lees: het invullen van aangiften) en (b) structurele acties, gericht op het aanpakken van juridisch onrecht op hoger niveau. Dit laatste is (althans, zo was het toen ik er zat) helemaal verdwenen uit het pakket van werkzaamheden van de Leidse Rechtswinkel. Ludieke publieksacties of onderzoeken om een bepaald probleem (bijv. huisjesmelkers) kwamen op gegeven moment niet meer voor. Dat heb ik altijd beschouwd als een problematische verschraling van de rol van de rechtswinkel. Het zegt ook veel over hoe (inmiddels niet meer zo) jonge juristen hun taakopvatting zien. Voor velen was de rechtswinkel eerder iets “voor op de cv” dan een fort van waaruit de gevestigde orde uit te dagen.
(Meer) aandacht voor fiscale rechtshulp – goede zaak
In de huidige discussie over het ontbreken van adequate fiscale rechtshulp anno 2019, zijn zowel structurele acties als eerstelijnshulp noodzakelijk. Om het eerste te beginnen is het de vraag of the powers that be voldoende oog hebben voor de situatie van fiscale minima. Ongetwijfeld kunnen de zaken beter, maar – als ik eerlijk ben – het zou me verbazen wanneer deze kwestie geheel aan de Belastingdienst voorbij zou zijn gegaan. Het tegendeel zou getuigen van extreme incompetentie en een bepaalde hardvochtigheid. Het zou kunnen dat de Belastingdienst het lot van de kleine man op institutioneel niveau vergeten is. Dit is echter niet iets dat ik zomaar zou willen veronderstellen. Eerder zal aan de kant van de fiscus sprake zijn van: “Ja, we zijn ermee bezig. En het kan altijd beter…” (Wie een serieus voorstel heeft voor verbeteringen kan met mij contact opnemen. Ik ken inmiddels iemand bij de fiscus aan wie ik inzichten zou kunnen doorsturen.)
Aandacht voor fiscale rechtshulp is belangrijk om het thema op de politieke agenda te krijgen en te houden. Als er een demonstratie was voor meer ondersteuning bij het aanvragen van toeslagen, zou ik vooroplopen met een spandoek en een mediagenieke leus.
Leemte in de fiscale rechtshulp
Een “leemte” in de rechtshulp wil uiteraard niet zeggen dat die hulp niet bestaat. Voor de juiste prijs is Loyens&Loeff of KPMG Meijberg ongetwijfeld bereid om de aangifte van een bejaarde met een jaarinkomen van EUR 10k in te vullen. De leemte gaat eigenlijk gewoon om geld. Ik wil er wel op wijzen dat er in Nederland genoeg kleine belastingadvieskantoren (vaak eenpitters) zijn die voor een paar tientjes. Bij Belastingaangifteshop.nl kost het aanvragen van een huurtoeslag EUR 40. Als je echt aan de onderkant vam de samenleving zit, is dit een godsvermogen. Maar voor de meeste mensen zit dit in de categorie “als het moet, dan moet het” (zeker nu het bij een toeslag gaat om het aanvragen van geld want die EUR 40 is een prima investering). Naast financiele overwegingen, zijn er ook mensen die de weg naar de rechtshulp om de een of andere reden niet kunnen vinden. Ouderen, bijvoorbeeld, maar ook (geestelijke) zieken en daklozen. Er zijn legio redenen waarom mensen in een bepaalde periode niet in control zijn van het fiscale bestaan. Iemand die in scheiding ligt, met een ouder op sterven en kinds aan de drug, heeft een vriendelijk steuntje in de rug nodig, het liefst van sympathieke amateur fiscalist uit de straat. De leemte kan slechts met maatwerk gevuld worden.
Bestaande mogelijkheden voor hulp: inhoudelijk uitbreiden!
De rechts-/belastingwinkels zijn een mooi voorbeeld van (fiscale) rechtshulp van burgers voor burgers. Vaak zijn de rechtswinkels en de rechtswinkelachtigen kleine organisaties (3 of 4 vrijwilligers) die hulp geven aan een kleine kringen van rechtszoekenden. Daarnaast bieden organisaties als de FNV en de CNV fiscale rechtshulp aan hun leden bij het invullen van belastingaangiftes. In Leiden kan de belastingplichtige eveneens terecht bij de plaatselijke SP en de ouderenstichting Radius om maar wat voorbeelden te geven. Dit gratis of tegen een lage vergoeding.
Particuliere initiatieven zijn natuurlijk goed. Het probleem is echter dat het bovenstaande geen alomvattende oplossing. Het invullen van een aangifte IB is slechts een facet van het fiscale bestaan. Wat als er om inlichtingen verzocht wordt? Of bezwaar moet komen? En – hier zit volgens mij het echte pijnpunt – wat moet er gebeur met de voorlopige teruggaves en de toeslagen? Vanuit het optiek van rechtsbescherming zijn dit namelijk de zwakke schakels. Zonder overdrijven kan ik zeggen dat alle problematische schuldgevallen die ik in de rechtswinkel voorbij zag komen, hun oorsprong hadden in ten onrechte aangevraagde teruggaves en toeslagen. Deze worden meestal niet gecheckt, dus de belastingplichtige die op aanraden van “iemand in de kroeg” het maximale terugvraagt, wordt pas later (als het geld op is) geconfronteerd met de gevolgen (terugbetalen). (Het andere probleem is kwijtgeraakte DigID-codes, maar dat is van een andere orde.)
Niet elke belastingplichtige zwicht voor de verleiding van de wishful thinking val en er bestaat ook nog zoiets als eige verantwoordelijkheid. Dit is een van de belangrijkste argumenten voor meer fiscale rechtshulp. Ook op financieel vlak geldt immers dat voorkomen beter is dan genezen.
***
Foto door Klaussi via Flickr.com onder Creative Commons licentie.